Dat concludeert taalkundige Mohammadi Laghzaoui in het onderzoek waar hij vrijdag in Tilburg op promoveert. ‘Moeders die hoogopgeleid en hooggeletterd zijn, gebruiken thuis meer abstracte taal. Abstracte of academische taal gebruik je als je het hebt over onderwerpen die verder gaan dan het concrete hier en nu. Bijvoorbeeld als een kind wil uitleggen hoe de tafel er thuis uitziet: groot en groen en rechthoekig. Kinderen van hoogopgeleide en hooggeletterde moeders nemen abstracte taal van hun moeders over’, aldus Laghzaoui. Juist het taalniveau van de moeder is belangrijk, omdat die doorgaans de grootste rol speelt in de opvoeding. Laghzaoui, zelf ook een Marokkaanse Berber, volgde een aantal kinderen drie jaar lang, van hun derde tot hun zesde, en keek hierbij naar hun taalontwikkeling.
Bron: Zorg + Welzijn









