Door taal- en hersenonderzoek is namelijk gebleken dat bij taalbegrip ‘cognitieve controle’, wat onder andere aandacht en concentratie inhoudt, een belangrijke rol speelt. Sophieke Koolen onderzocht hiervan het specifieke onderdeel ‘monitoring’: het controleren of de informatie die je binnen krijgt overeenkomt met wat je verwacht. Bijvoorbeeld: "Je hoort of leest iets, en zo lang daar niks merkwaardigs in gebeurt, ben je je er niet van bewust dat je iets controleert. Maar zie je bijvoorbeeld een tikfout, dan zorgt monitoring ervoor dat je even met extra aandacht naar de tekst kijkt, om te zien of die wel klopt."
De resultaten zijn volgens Koolen allereerst van belang voor behandelaren, maar ook voor neuropsychologische diagnostiek zouden de resultaten belangrijk kunnen zijn.
Bronnen: GGZnieuws en Rijksuniversiteit Groningen









