Ouders weten vaak wel dat hun kind alcohol drinkt, maar onderschatten de hoeveelheid. Gemiddeld drinken kinderen driemaal zoveel glazen alcohol als een ouder denkt. De mate waarin ouders alcoholgebruik onder de zestien jaar schadelijk vinden hangt af van de leeftijd van het kind en de hoeveelheid alcohol: bijna alle ouders vinden ieder weekend vijf of meer drankjes schadelijk, maar slechts 55 procent van de ouders vindt bijvoorbeeld ieder weekend één tot twee drankjes schadelijk.
Driekwart van de ouders van twaalfjarige kinderen vindt dat jongeren onder de zestien jaar helemaal geen alcohol mogen drinken. Bij ouders van vijftienjarigen vindt nog maar de helft dit nog. Een meerderheid van de ouders vindt dat een kind jonger dan zestien jaar mag beginnen met alcohol proeven, een derde van de ouders van kinderen onder de zestien jaar vindt zelfs dat kinderen voor het zestiende jaar met enige regelmaat alcohol mogen drinken.
Bijna de helft van de ouders vindt het goed dat hun kind thuis in het bijzijn van de ouders één glas alcohol drinkt. De regels van ouders blijken echter niet altijd duidelijk voor de kinderen. Zo vindt maar een op de twaalf ouders het goed dat hun kind op feestjes alcohol drinkt, terwijl een kwart van de kinderen zeker zegt te weten dat dit wel mag.
Het onderzoek signaleert een afnemende tolerantie van ouders ten aanzien van jeugdig alcoholgebruik. Maar uit de studie blijkt ook dat ouders nog altijd niet voldoende doordrongen zijn van met name de gevolgen van alcoholgebruik bij jonge kinderen. De onderzoeksresultaten geven voldoende argumenten om de voorlichting aan ouders te intensiveren. Daarbij verdient ook het eigen alcoholgebruik van de ouders zelf aandacht, omdat dit van invloed blijkt op de in het gezin gehanteerde normen over beginnend alcoholgebruik van de kinderen. Maar ook dan is het stellen van regels door ouders nog steeds effectief (Bron: Trimbos Instituut).









