Op religieus gebied construeren jongeren een persoonlijk raamwerk van zingeving, aldus Prins. Meer dan zeventig procent van hen beschouwt zichzelf inmiddels niet als lid van een kerk, en religie lijkt daarmee een uitstervend verschijnsel. Maar bij nadere beschouwing blijken jongeren niet ongelovig te zijn. Het is eerder zo dat ze alles geloven. Jongeren geloven volgens Prins in reïncarnatie en karma, in UFO's en graancirkels, in astrologie en horoscopen, in tarot en in wicca. Ze gebruiken die elementen hapsnap en construeren zo een persoonlijk raamwerk van zingeving. Jongeren kiezen niet voor een kant-en-klare religie, maar voor een doe-het-zelf religie. Bron: persbericht Radboud Universiteit Nijmegen









