Pedagogiek
in praktijk

Dr. Laura Batstra: ‘Een terughoudende benadering als tegenwicht voor DSM-5’

De nieuwe ‘bijbel’ voor psychiaters, DSM-5, zou wel eens de laatste kunnen zijn. Het beschrijven van psychische syndromen, op zich nuttig, is te ver doorgeschoten.

Dat zegt Laura Batstra, onderzoeker bij de afdeling Orthopedagogiek van de Rijksuniversiteit Groningen. Zij pleit voor een voorzichtige en terughoudende benadering als stepped diagnosis , een model dat Batstra opstelde met Allen Frances, de voorzitter van de DSM-IV.

‘Het idee achter de DSM (diagnostic and statistical manual of mental disorders) is goed: de communicatie over psychische stoornissen tussen professionals verbeteren. Dat gebeurde vanaf de derde versie van de DSM (1980) door voor elk psychiatrisch syndroom criteria op te stellen. Dan weten professionals als ze bijvoorbeeld praten over sociale angst over welk soort problemen ze het hebben. Maar helaas zijn de criteria steeds meer een eigen leven gaan leiden. Je krijgt nu bijvoorbeeld een behandeling alleen vergoed wanneer je voldoet aan de criteria van een DSM-hokje.’

Beschrijving van problematisch gedrag
‘Wat vaak vergeten wordt, is dat een DSM-label, bijvoorbeeld ADHD, een beschrijving geeft van een bepaald type problematisch gedrag. Het is niet de vaststelling van een ziekte, zoals je bijvoorbeeld diabetes met een test kunt aantonen. Van de ongeveer driehonderd syndromen in de DSM is er geen enkele waarbij er een lichamelijke oorzaak is gevonden, ondanks het feit dat er vanaf 1980 ontzettend veel geld en onderzoektijd aan is besteed.’

Lees het volledige bericht op de site van de Rijksuniversiteit Groningen.








Naar homepage