Matthys, zelf afkomstig uit de Vlaamse arbeidersklasse, interviewde tientallen academici tussen de 44 en 65 jaar met topfuncties binnen de politiek, wetenschap en medische sector. Zij hebben één ding gemeen, ontdekte Matthys: hun carrière verliep moeizamer dan die van hun collega's. ‘Ze hebben heel wat moeten overwinnen om op hun plek te komen.’
Volgens Matthys is Nederland niet zo’n klasseloze maatschappij als wij geneigd zijn te denken. ‘Er zijn hier wel degelijk klasseverschillen. Alleen spreken we het niet hardop uit.’ De cijfers spreken boekdelen, volgens de onderzoeker: ‘Nog steeds is maar ongeveer 10 procent van alle studenten afkomstig uit een arbeidersmilieu.’ En zo besluit hij: ‘Veel mensen voelen zich nog steeds onwennig op recepties, ook al zijn ze al lang chirurg of hoogleraar. Ze kunnen zichzelf niet verkopen.’









